Wat is een Coloscopie?
Bij een coloscopie onderzoekt de arts met behulp van een flexibele slang, de coloscoop, de binnenkant van de dikkedarm.
In sommige gevallen is bij een coloscopie een verdoving, ook wel 'roesje' genoemd, nodig.
Onderzoek
Het onderzoek duurt ongeveer 15 tot 30 minuten. Tijdens de coloscopie ligt u op uw linker zij op een onderzoekstafel. Via de anus brengt de arts de coloscoop in de endeldarm. Samen met een assistent voert de arts de coloscoop steeds verder de darm in. Om de darmwand beter zichtbaar te maken wordt lucht in de darmen geblazen. Hierdoor kunnen soms krampen optreden. Het opvoeren van de coloscoop en het inblazen van lucht wordt soms als pijnlijk ervaren. Het onderzoek is meestal goed te verdragen.
Tijdens het terugtrekken van de coloscoop wordt de darmwand nauwkeurig geïnspecteerd. De coloscoop wordt meestal tot aan het begin van de dikke darm gevoerd. Soms wordt aanvullend een röntgenfoto gemaakt. Meestal is daarvoor een aparte afspraak en voorbereiding nodig.
Tijdens het onderzoek kan het nodig zijn dat u een andere ligging moet aannemen. Ook kan de assistent op verzoek van de arts druk op bepaalde plaatsen van de buik uitoefenen. Hiermee kan de buik worden ondersteund of de endoscoop van buiten worden tegengehouden.
Wanneer de coloscopie te pijnlijk is, krijgt u een pijnstiller en/of kalmeringsmiddel toegediend. Hiervoor krijgt u een infuusnaaldje in uw arm. Gedurende het hele onderzoek wordt, door middel van een 'knijper' op uw vinger, uw hartslag en ademhaling gecontroleerd. Na afloop van het onderzoek moet u nog 1 à 2 uur 'uitslapen'.
Poliepen
Poliepen, gezwellen op het slijmvlies, worden meestal direct verwijderd. Door een lus van metaaldraad als een lasso om de poliep heen te leggen wordt de poliep met een elektrisch stroompje afgesneden. De verwijderde poliepen worden naar een pathologisch anatomisch laboratorium gezonden voor microscopisch onderzoek. Bij deze behandeling bestaat een kleine kans op een bloeding. Deze bloeding kan tot veertien dagen na de behandeling optreden en is vrijwel altijd onschuldig. Het verwijderen van poliepen is in de regel een veilige behandeling en doet geen pijn.
Weefselonderzoek
Wanneer tijdens de coloscopie een afwijking wordt gezien, wordt er een bioptie, een stukje weefsel, genomen. Het biopt zal naar een laboratorium gezonden worden voor analyse. Het nemen van biopten is niet pijnlijk, maar veroorzaakt vaak wel wat bloedverlies.
Voorbereiding
Een coloscopie kan niet plaatsvinden wanneer de dikkedarm is gevuld met ontlasting. Voor het onderzoek mag u daarom niet eten. Thuis moet u voor het onderzoek een middel innemen, dat ervoor zorgt dat uw darmen niet gevuld zullen zijn. U krijgt hiervoor een recept en instructies toegestuurd of uitgereikt.
Medicatie
Het gebruik van medicijnen moet u altijd vooraf aan de behandelend arts melden. Voorafgaand aan een coloscopie wordt met medicijnen, die de bloedstolling beïnvloeden, bij voorkeur gestopt. Medicijnen als Sintrommitis® , Marcoumar® of Ascal beïnvloeden de bloedstolling. Het gebruik van deze middelen kan tijdens en na het onderzoek langdurige bloedingen veroorzaken.
Ook het gebruik van ijzertabletten wordt afgeraden. Die kleuren de ontlasting namelijk zwart en veroorzaken een moeilijk te verwijderen zwarte aanslag op het slijmvlies waardoor een goede beoordeling moeilijk is.
cliënten met een afwijking aan een hartklep krijgen een antibioticum, omdat bij het verwijderen van poliepen of bij een bioptie bacteriën in de bloedbaan terecht kunnen komen. Om dezelfde reden krijgen ook patiënten met implantaten antibiotica toegediend. Informeer voor het onderzoek de behandelend arts.
Mogelijke risico’s en complicaties
Hoewel een coloscopie een veilig onderzoek is, kunnen er in een enkel geval complicaties optreden.
Wanneer u een kalmeringsmiddel gebruikt, neemt de kans op ademhalingsproblemen en/of stoornissen in de hartfunctie toe.
Soms kan het gebeuren dat er tijdens het onderzoek een scheurtje of gat in de darmwand optreedt. Dit heet perforatie. Wanneer de darm tijdens het onderzoek ernstig ontstoken is, of wanneer er veel poliepen zijn of poliepen verwijderd worden is er een grotere kans op een perforatie.
Bij een perforatie ontstaat heftige buikpijn en in een later stadium koorts. Een opname en soms ook een operatie kan dan noodzakelijk zijn. Neem in dat geval altijd contact op met uw behandelend arts of raadpleeg uw huisarts.
Een beetje bloedverlies na afloop is normaal; zeker wanneer er meerdere biopten zijn genomen. Wanneer u echter grotere hoeveelheden bloed verliest, moet u eveneens contact met uw behandelend arts of huisarts opnemen.
Nazorg en uitslag
De behandelend arts bespreekt met u na het onderzoek de bevindingen. Omdat u nog suf van de verdoving kan zijn, bestaat de kans dat u de uitslag achteraf niet goed meer herinnert. Ook kunt u niet zelfstandig aan het verkeer deelnemen. Het is dan ook raadzaam een begeleider mee te nemen.
Voor vragen kunt u ons altijd tijdens kantooruren bellen: 0900 8099




